Buizenversterkers vergelijken: Jadis Orchestra, MastersounD Dueventi, Unison Research S6

Buizenversterkers vergelijken: Jadis Orchestra, MastersounD Dueventi, Unison Research S6
26 juli 2018 Mark van Braam
Mark van Braam
In Geen categorie
Copyright © 2018 AUDIO21, Wapenveld

Waarde lezer, vanwege de vele vragen hieromtrent, heb ik voor u een uitgebreide vergelijking gemaakt met drie buizenversterkers. Het gaat over de MastersounD Dueventi, de Jadis Orchestra en de Unison Research S6. Wat zijn de overeenkomsten en wat zijn de verschillen. We hebben het over buizenversterkers die ontworpen zijn rondom een bij mij favoriete eindbuis, namelijk de EL34. Drie compleet verschillende versterkers in uiterlijk, maar redelijk overeenkomstig wat prijsstelling betreft. Maar wat zijn de geluidsmatige verschillen…

Allereerst een paar wetmatigheden:

MastersounD Dueventi: € 3.490,– / 20 Watt / Phono: Ja: MM / Afstandsbediening: Ja / 48 (b) x 33 (d) centimeter
Unison Research S6: € 3.990,– / 30 Watt / Phono: Nee / Afstandsbediening: Ja / 35 (b) x 49 (d) centimeter
Jadis Orchestra: € 3.430,– / 40 Watt / Phono: Nee / Afstandbediening: Ja  / 53 (b) x 30 (d) centimeter

Bij de Jadis en MastersounD dient de bias ingeregeld te worden bij het vervangen van de buizen, bij de Unison Research kunt u dit zelf regelen met draaiknopjes. Persoonlijk vind ik dat wanneer de buizen aan vervanging toe zijn, hetgeen bij de EL34 doorgaans tussen de 4 en 7 jaren (afhankelijk van gebruik en speeluren) is, het dit een mooi momentje is om de versterker even te laten nakijken. De afmetingen zijn nogal afwijkend ten opzichte van elkaar, waarbij de MastersounD Dueventi de normaalste proporties heeft. (Diepte incl. knoppen en achteraansluitingen). De prijsverschillen zijn dusdanig dat ik erover durf te zeggen: kies met je hart en verstand en laat niet het aankoopbedrag uw leidraad zijn.
Het fijne van een nieuwe buizenversterker is dat er geen risico is dat een vorige eigenaar(ren) heeft zitten klootviolen met voor- of eindbuizen, of dat er iemand iets heeft ‘gemodificeerd’ of ‘verbeterd’ met alle risico van dien. Het vergelijk wat ik hier doe, zijn drie nieuwe, maar wel goed ingespeelde buizenversterkers, die nu hun werk doen zoals de ontwerper en fabrikant het bedoeld heeft.

Om de gebruikte set kort te beschrijven: bekabeling van Nordost, ontkoppeling met QRT Sort Kones, schone aarde middels de QRT Qkore, de speakers zijn de Estelon YB en als bron gebruik ik de The Beast. De rode wijn heet Chianti en de stroperige kaas is een Brie de Meaux en het brood van de bakker. Maar dit laatste is een terzijde.

De aftrap van dit vergelijk geschiedde met Micheline van Hautem. Het nummer wat ik gebruik heet ‘voir un ami pleurer’ (een vriend zien huilen). Deze Belgische zangeres weet op een meer dan formidabele manier het overbekende nummer, ooit bekend geworden door de Belg Jacques Brel te vertolken. Haar versie begint met een voorzichtig getokkel op een akoestische gitaar, dan haar eerste woorden ‘bien sûr, il y a les guerres d’Irlande…..’
Waarom ik dit nummer gekozen heb is om een aantal dingen. Wanneer ze begint te zingen, ademt ze door de microfoon en de mate waarop dit gebeurt geeft snel aan hoe groot de illusie is dat ze in de ruimte aanwezig is. De gitaar staat links van haar en is verfijnd, voorzichtig dynamisch en melancholisch. Na ruim een minuut valt de accordeon rechts van haar in gezamenlijk met de bas, rechts achter haar. De vraag die ik bij elk van de drie versterkers mezelf stel is; op welke mate weet de versterker de melancholie, de dromerigheid en de kwellende schoonheid van dit nummer weer te geven. Hoe groot is de illusie.

  

De Jadis Orchestra is super exact en weet minutieus de muzikanten op hun plaats te zetten, zelfs is er een hoogteverschil waar te nemen tussen de stem en verschillende instrumenten. Het uitsterven van de snaren van de gitaar speelt zich ook resoluut af. Geen moment een idee van tonale kleuring en de dynamiek in alles wat plaatsvindt is zeer overtuigend. Het laag is lekker elastisch en snel. Haar adem is voelbaar aanwezig en ik glij van m’n stoel af. En dat is niet door de Chianti. De Jadis zou een prachtige versterker kunnen zijn voor iemand die z’n keurige solid-state aan de wilgen wil hangen voor dat speciale wat een buizenversterker nou eenmaal wèl heeft. (Vooruitlopend; dat zal ook gelden voor de MastersounD Dueventi). Maar ook iemand die niet wil inboeten voor een laagweergave waar wat op aan te merken zou kunnen zijn. De Jadis Orchestra heeft dat ‘eigene’ in de klank, welke zéér bijzonder is.
De Unison Research S6 is een stuk voorzichtiger en ingetogener. De snaren worden met zachtere vingers aangeraakt. Ook in haar stem zit meer ‘schmelz’ In hoogte wordt Micheline iets korter. De invallende basgitaar is romiger en minder exact omlijnd. Ook is het laag méér aanwezig en ik kan direct al verklappen dat de S6 hierdoor minder makkelijk een match met een luidspreker etc. kan vinden, teneinde een homogene weergave te genereren. De versterker klinkt zeer vloeiend, maar minder snel en energetisch als de Orchestra en Dueventi. Ze romantiseert de muziek enigszins, maar ik weet dat een aantal mensen juist hierdoor zeer gelukkig met de S6 zijn. De S6 klinkt eigenlijk het meest als een ehhhh: buizenversterker. Bij dit nummer heb ik mede vanwege de volheid van het laag, de neiging het volume iets terug te schroeven. De S6 geeft op lage volumes meer volheid in de klank en dat kan voor hen die zachtjes spelen, vanwege buren of slapende honden die je niet wakker moet maken, een voordeel zijn.
De MastersounD Dueventi klinkt meer richting de Jadis dan de S6. Het opmerkelijk is dat de versterker volgens de specificaties slechts 20 Watt’s ter beschikking heeft, maar geen enkel moment lijkt de kracht minder te zijn dan de twee broertjes. Integendeel zelfs! Zouden de anderen ‘sjoemel-hifi-software’ hebben? De klank van een gitaar, stem als ook het laag, klinkt ‘droger’. Het gehele geluidsbeeld staat een halve meter verder naar achteren. Het aanslaan van bijvoorbeeld de snaren van de basgitaar zijn duidelijker te horen dan bij de Jadis en Unison Research. Het laag is niet voller aanwezig dan bij de S6, maar wel voelbaarder, meer drive en precisie. Let hierbij op dat ik het volume bij de versterkers uiteraard gelijk hou. Net als de Orchestra is de Dueventi heel open en geeft de muzikanten ook lijfelijk een ware afbeeldingsgrootte.

Het tweede nummer wat ik gebruikt heb is de tweede symfonie van Mahler, in C mineur, welteverstaan. Het is een symfonie die bestaat uit vijf delen, ik gebruik voor dit vergelijk het eerste deel, het Allegro Maestoso. Met Bernard Haitink aan het roer van het Concertgebouw orkest.
De vraag is natuurlijk: hoe goed zijn de drie versterkers in staat om een groots spektakel weer te geven, waarbij alle aspecten als dynamiek, klankkleuren, snelheid en ruimtelijke invulling aan de orde komen. Het ruim 20 minuten durende stuk opent met de inzet links en midden de violen en altviolen, terwijl enkele seconden later de groep contrabassen en cello’s hierop lijken te antwoorden. Er is geen moment dat de Dueventi zich verslikt en met de nodige snelheid, schlamm en drama wordt dit spel van vraag en antwoord gespeeld. Wanneer links de strijkers breed gaan uithalen en samen met onder andere de trompetten losbarsten met een climax van de bekkens die diep in het stereobeeld ‘bets’ roepen, geraak ik in vervoering van de kwaliteit van deesz machien. Natuurlijk gaan de grotere broers van MastersounD verder, maar daar gaat het nu niet over. Ja, de Dueventi mag m’n privé woning betrekken, dit is serieus goed zeg!
De S6 wordt vervolgens te werk gesteld. Opnieuw is het direct allemaal wat rustiger en kalmer. Het laag wat invalt in de 14e seconde is wat vol en trager. De verschillende dames en heren die hier de gelijke partijen spelen, zijn net wat minder duidelijk afzonderlijk te volgen. Wanneer het symfonische spektakel dan eindelijk losbarst, zo vanaf de tweede minuut, blijkt dat dit voor de S6 toch net een stapje te ver is; wanneer er vele partijen gelijk spelen, heeft het fractioneel de neiging wat rommelig te worden. Zowel de Dueventi als de Orchestra hebben de boel hier beter op de rit staan. Maar zit ik de S6 nu af te kraken? Nee, in het geheel niet. Maar het is een versterker die een veel specifiekere luisteraar zal aanspreken; iemand die kleinere verfijndere muziek luistert en het ronde en vloeiende en een gloedvol buizenkarakter waardeert. Maar nogmaals, er zal gelet moeten worden op de juiste match, die vooral aansluit op de wens van de luisteraar.
Dan nu als derde de Jadis Orchestra. Het moge inmiddels duidelijk zijn dat het vergelijk met de Dueventi het meest voor de hand ligt. Die laatste is klankmatig fractioneel wat ‘witter’. De bedoelde Cello/bas sectie in de eerste seconden lijkt aan de rechterkant nu zelfs deels buiten de speakers te klinken. De Dueventi klinkt fractioneel wat voller en droger. De Orchestra net wat puntiger. Let op dat ik de verschillen soms wat lijk uit te vergroten, maar ik probeer u te vertellen waarin de verschillen tot uiting komen. Ook bij deze specifieke Jadis Orchestra zal er net wat langer nagedacht moeten worden of het in combinatie met de luidspreker en rest van de set en akoestiek gaat voldoen aan de wensen van de luisteraar.

Hoe gek misschien ook, maar het overbekende nummer ‘Little Lover’ van AC/DC doet soms ook mee in vergelijkingen. Gewoon omdat het lekker is, maar eigenlijk best goed opgenomen. Ik wil kracht, dynamiek, snelheid en vooral de explosieve en energetische rauwheid van het nummer horen.
Ik zal het kort proberen te houden; met de Jadis Orchestra gaat dit uitstekend en ik zit te headbangen op m’n stoel. Ook de MastersounD Dueventi wil me net zoveel in beweging zetten. En zelfs de S6 weet op z’n eigen manier iets met het nummer te doen, maar ik vrees toch dat een echte liefhebber van dit genre, de Unison Research gaat overslaan.
Maar bij kleinere subtielere muziekstijlen zal de S6 best weer op z’n plaats kunnen zijn. Met ‘A trace of Grace’ van Monteverdi vind ik de falsetstem van Michel Godard toch wel weer bijzonder fraai en komt het tekort aan laag op deze opname mooi in harmonie met het karakter van deze versterker. De conclusie welke van deze drie prachtige EL34 versterkers binnenkort uw huis gaat voorzien van de nodige geluidsvitamines is door u te maken 🙂

Resumé.
Hoewel de opgegeven vermogens nogal verschillen, geven de drie versterkers de mogelijkheid om (te) luid te spelen en hebben ze geen moment me het gevoel gegeven dat er geen controle of autoriteit was (behoudens de bemerkingen bij de S6). Dus laat u zich hierdoor niet afleiden. Zeker zullen factoren meespelen als uiterlijk, afmeting, reputatie. Maar uiteraard vooral of de combinatie met uw luidsprekers en verdere set evenwichtig gaat zijn. Indien u er prijs op stelt wanneer u in de markt bent voor een nieuwe buizenversterker, kijk ik graag over uw schouder met u mee.

Copyright © 2018 AUDIO21, Wapenveld
Niets uit deze bovenstaande informatie mag worden verveelvoudigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand, website of openbaar gemaakt worden in enige vorm of op enige wijze, hetzij elektronisch, mechanisch of door fotokopieën, opname, of op enige andere manier, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van AUDIO21.